Met competenties is het net als met religie: je moet er in geloven wil het verhaal functioneren. Het begint ermee dat niemand precies weet wat competenties zijn, ofschoon er boeken en vaktijdschriften over volgeschreven zijn. De beschrijvingen zijn meer duidingen dan exacte formuleringen: er wordt flink om de hete brij heen gedraaid. Toch is competentie een hardnekkig fenomeen, net als religie: onuitroeibaar. Maar het competentiegerichte onderwijs kan zich vooral de laatste tijd niet verheugen in een groeiende populariteit. De term is onlangs op de kaart van de bullshitbingo voor het onderwijs beland. Dit meldde het Brabants Dagblad in een uitgebreid artikel over de in zwang gerakende term vaagtaal. Een paar jaar geleden werd de bullshitbingo voor managers bedacht, waarop vijftig voorbeelden van geijkt managersjargon gegeven werden. Ze zullen u allen welbekend in de oren klinken: proactief, borgen, aanvliegen, de manager als coach, hands-on. En nu dus de kaart voor de onderwijsbingo met termen als: leren-leren, good practices, zelflerend vermogen faciliteren (=lesgeven), onderwijsproeftuin, handen en voeten geven.
De bingokaart kan gebruikt worden tijdens de teamvergadering; als je vijf bullshittermen, gehoord tijdens de vergadering, op een rij hebt, roep je: bingo! En zo weet dan iedereen dat er weer flink geleuterd wordt en weinig afgesproken of besloten. Want dat is typisch voor vaagtaal: de bedoeling ervan is tijd te winnen of zo u wilt te rekken, om niet to the point (bingo!) te hoeven komen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten