zaterdag 20 februari 2016

Il Nome della Rosa

Vandaag verneem ik dat Umberto Eco gisteren is overleden. De Italiaanse taal- en cultuurwetenschapper en hoogleraar semiotiek schreef begin jaren tachtig van de vorige eeuw de gotische thriller De Naam van de Roos. In het Italiaans klinkt dat zo veel schoner: Il Nome della Rosa

Een neef van moederskant gaf de middeleeuwse misdaadroman in Nederland uit en vestigde daarmee zijn naam in de uitgeverswereld. Ik las het boek net voor het in het Nederlands verscheen in het Engels: The Name of the Rose. In die tijd hield ik me na een laat afgebroken studie theologie onledig met een (verlate) studie Nederlands en ik had behalve uit familiemotieven ook vanwege het taalprobleem dat het boek opwerpt veel belangstelling voor het werk van Eco. 
 
De hoogleraar semiotiek Umberto Eco wil (hij leeft immers in zijn werken voort)  met zijn boek laten zien dat tekens, de letters van een boek, een fictief domein op zichzelf vormen en niet moeten worden verward met de werkelijkheid die ze in symbolen weergeven. Droge kost? Valt reuze mee, want het verhaal loopt als een trein. De Naam van de Roos is immers een erg spannende thriller. Ofschoon het geen gemakkelijk boek is, want in de ‘gothic novel’ wordt onder andere de controverse beschreven tussen de twee overheersende filosofische stromingen in de Hoge Middeleeuwen; de via antiqua en de via moderna. Deze komen tot uiting in het kerkelijk conflict tussen de gevestigde kloosterordes, de benedictijnen, en de nieuwe stadsordes, de franciscanen. De WizKids in die tijd. Als dit conflict uiteindelijk in het voordeel van de laatsten beslecht is, hebben de tekens, de letters van een boek bijvoorbeeld, hun magische kracht verloren. 'Stat rosa pristina nomine, nomina nuda tenemus',  verzucht de hoofdpersoon uit de roman, de oude monnik Adson van Melk aan het eind van het fictieve manuscript, waarop Eco zijn boek zegt gebaseerd te hebben. De roos van vroeger bestaat niet (meer), we hebben alleen maar haar naam. Alles is fictie (geworden). 

Mijn bekende neef vertelde in een interview dat hij Umberto Eco gunstig placht te stemmen tijdens de onderhandelingen over honoraria en dergelijke, door hem mee uit eten te nemen naar  michelinster-restaurants. Behalve van goed eten hield de hooggeleerde ook van een glaasje. Tijdens het diner gingen er met gemak twee flessen wijn doorheen – mijn neef is geheelonthouder; geen familietrekje overigens – afgeblust met een paar kloeke bellen cognac en sigaar. Aan de hooggeleerde Italiaan was niets menselijks vreemd. Ook dat laat hij zien in zijn weergaloos geschreven roman, Il Nome della Rosa.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten