Toch heb ik deze vaststelling
als een goed advies opgenomen, niettegenstaande dat er een stevige kritiek in
doorklonk op mijn functioneren. Ik werd namelijk onzeker over mijn
onzekerheid. Ik werd onzeker van mijn
onzekerheid. Was ik werkelijk zo onzeker? In de ironische vaststelling van mijn
beoordelaars was ook humor te horen. Daarom kon ik er zelfs om lachen, en
lachte daarmee tegelijk om mijn onzekerheid, waardoor die minder onzeker werd. Ik
werd door deze onzekere situatie paradoxaal genoeg juist wat meer zeker van mezelf.
Kennelijk was onzekerheid
niet iets om erg onzeker over of van te worden. Bovendien stelde ik zelf vast
dat nogal wat mensen om me heen ook verkondigden dat ze onzeker waren. Waarop ik
binnensmonds reageerde, - ik hield mijn constatering (of advies) voor me: ‘Ik
ben onzeker over jullie onzekerheid.’ Met die onzekerheid van die mensen in mijn
omgeving vond ik het eigenlijk wel meevallen. Te meer omdat er mannen en
vrouwen tussen zaten tegen wie ik opkeek. Ik was met andere woorden niet
zeker van hun onzekerheid. Daarnaast verzekerden de mensen tegen wie ik opkeek
mij dat ik ook wat in mijn mars had en dat ze soms ook van mij opkeken.
En ik redeneerde: als ik dan kennelijk volgens anderen over
capaciteiten beschik, wat voor zekerheid kan ik dan hebben van mijn eigen
onzekerheid? Aan de onzekerheid van mensen die veel in huis hebben, - en
sommigen van hen zeggen dat ik dat ook heb -, durf ik wel te twijfelen en aan
de onzekerheid van mezelf niet? Vreemd toch.
Deze vraag heb ik heel
lang bij mezelf overwogen. Tot ik mezelf op een dag tegen iemand hoorde zeggen, die vertelde
dat hij zich zo onzeker voelde over zijn functioneren, dat onzekerheid bij
kwaliteit hoort. Hè?! Ik stond van mezelf te kijken, maar de aanzet tot
onzekerheid over mijn uitspraak verdween, toen ik mezelf hoorde redeneren dat
mensen die zichzelf niet bekritiseren aangaande hun functioneren, niet onzeker
hierover durven te zijn, het niet denkbeeldige gevaar lopen op den duur juist slechter
te gaan functioneren. Rust roest.
Een goede vriendin heeft
jarenlang geleefd met een zekere vrees voor ontmaskering: ‘Ooit moeten mensen
doorkrijgen dat wat ik doe niet veel voorstelt.’ Niet veel voorstelt! Ze heeft
een topfunctie bij de politie.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten