zaterdag 8 oktober 2016

PIZ4 / De Nederlandse docent moet orde leren houden

Vorige week maandag door de gemoedelijke Utrechtse binnenstad terug naar het Centraal Station wandelend, kreeg ik van een student nrc.next in handen gedrukt met de vriendelijke vraag of hij mij de krant mocht aanbieden. Het was de enige krant die hij bij zich had. Het was geen reclameactie of zo. Graag nam ik het blad van hem aan, ofschoon ik meestal de oudere broer lees. Zag de jongeman dat ik docent was? Kon hij dat aan mijn uiterlijk, fysionomie en kleding zien? Waren die ruim dertig jaar voor de klas van mij af te lezen? Vast wel. Evenals het waar is, zoals Martin Gauss beweert, dat baasjes op hun hond gaan lijken en vice versa, zo gaan beroepsbeoefenaars op den duur het uiterlijk aannemen dat bij hun professie of vak past.
 
‘De Nederlandse docent moet orde leren houden’, kopte het nrc.next-artikel dat ik later las in de trein. ‘Het is vaak een zooitje in onze schoolklassen. De discipline van de Nederlandse leerling is erbarmelijk, aldus de OESO. Docenten gaan op cursus om daarmee om te gaan’, schreef de lead bij het artikel. In een rapport over het onderwijs in Nederland schrijft de OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling van 35 rijke landen) dat ons land het laagste scoort wat disciplinair onderwijsklimaat betreft. Daarentegen is volgens het CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek) het onderwijs in Nederland koploper in burn-outklachten. Ruim een op de vijf docenten heeft er last van. Klopt dat cijfer ook voor onze schoolorganisatie? 

Overigens scoort het Nederlands onderwijs volgens hetzelfde OESO-rapport inhoudelijk wel goed. Door onze typisch Nederlandse didactische werkvormen werkt de ogenschijnlijke chaos in de klas niet al te negatief door op leerprestaties en leerresultaten. We polderen in ons onderwijs heel wat af. Bij onze bewuste keuze voor samenwerking in groepjes met bijbehorend onderling overleg hoort nu eenmaal enige reuring. En voor de trage opstart van veel Nederlandse lessen moet je als docent enige acceptatie ontwikkelen. Zo kan het worden beleefd als ons geliefde ‘Brabants kwartiertje’.

Het artikel in nrc.next heb ik als discussieonderwerp in de groep (Onderwijsassistenten) gegooid, ter voorbereiding van het taalvaardigheidsexamen Gesprekken Voeren. Heeft dit onderwerp je interesse gewekt en wil je op zoek naar tips & tops: www.degeliefdeleraar.nl.  
Bron: nrc.next maandag 3 oktober ’16, pag. 10-11

Geen opmerkingen:

Een reactie posten