Een overgroot deel van de Schrijfwijzer is ingeruimd voor tekstkwaliteit, waarmee Renkema de
stijl bedoelt waarin taal geschreven en gesproken wordt. Hij doelt hiermee op
taalidioom, - hoe zeggen we het in correcte zinnen en uitdrukkingen -, op
moeilijk taalgebruik, verhullend taalgebruik en modieus taalgebruik. Een
voorbeeld van incorrect taalidioom is het verhaspelen van uitdrukkingen en
gezegden, zoals ‘dat klopt als een bus’. Wat
een contaminatie is van ‘dat klopt als
een zwerende vinger’ en ‘dat sluit
als een bus’. Of: ‘een blind paard
kan de was doen’. (Deze uitdrukking mag u zelf ontwarren.)
Renkema is dertig jaar geleden door wijlen Anne Vondeling, oud-voorzitter van de Tweede Kamer, naar Den Haag gehaald om politici te scholen in het vermijden van moeilijk en verhullend taalgebruik. Hij krijgt sindsdien ook de Troonrede ter correctie voorgelegd, opdat die ook voor de gewone burger duidelijk wordt. Hij ontwierp hiervoor de moeilijke-taaldetectoren de taalslalom (om omslachtige formuleringen mee aan te wijzen) en de taalmistmachine (om inhoudsloze uitdrukkingen die deskundigheid pretenderen mee te ontmaskeren). Een variant van beide vinden we terug in de bullshitbingo, die het moderne managementjargon op de korrel neemt.
De Schrijfwijzer ruimt ook een paragraafje in voor eigentijds taalgebruik, waarmee de spreker of schrijver, als bij de tijd zijnde, in de smaak wil vallen bij zijn publiek. De politieke taal staat er bol van: ‘plaatje, groen licht geven, inkleuren, dat hoort u mij niet zeggen, dat zijn uw woorden, doe ’s normaal man’. En natuurlijk kent ook het managementjargon hiervan zijn overbekende voorbeelden: ‘handen en voeten geven, implementeren, denkers en doeners’, etc. Het laatste heeft sinds enige tijd ook een vervreemdend soort taalgebruik uit de New Age-scene overgenomen. In een A-4’tje dat onder de deelnemers aan het in december vorig jaar georganiseerde OGT-symposium ‘Vitaal blijven werken’ werd verspreid, wemelt het van de woorden: ‘missie, passie, win-win, inspiratie, in je kracht staan’, etc.
Deze vormen van
taalverneveling, - uitdrukking van Jan Renkema in de Schrijfwijzer -, bevorderen niet de duidelijkheid en het leesgemak.Renkema is dertig jaar geleden door wijlen Anne Vondeling, oud-voorzitter van de Tweede Kamer, naar Den Haag gehaald om politici te scholen in het vermijden van moeilijk en verhullend taalgebruik. Hij krijgt sindsdien ook de Troonrede ter correctie voorgelegd, opdat die ook voor de gewone burger duidelijk wordt. Hij ontwierp hiervoor de moeilijke-taaldetectoren de taalslalom (om omslachtige formuleringen mee aan te wijzen) en de taalmistmachine (om inhoudsloze uitdrukkingen die deskundigheid pretenderen mee te ontmaskeren). Een variant van beide vinden we terug in de bullshitbingo, die het moderne managementjargon op de korrel neemt.
De Schrijfwijzer ruimt ook een paragraafje in voor eigentijds taalgebruik, waarmee de spreker of schrijver, als bij de tijd zijnde, in de smaak wil vallen bij zijn publiek. De politieke taal staat er bol van: ‘plaatje, groen licht geven, inkleuren, dat hoort u mij niet zeggen, dat zijn uw woorden, doe ’s normaal man’. En natuurlijk kent ook het managementjargon hiervan zijn overbekende voorbeelden: ‘handen en voeten geven, implementeren, denkers en doeners’, etc. Het laatste heeft sinds enige tijd ook een vervreemdend soort taalgebruik uit de New Age-scene overgenomen. In een A-4’tje dat onder de deelnemers aan het in december vorig jaar georganiseerde OGT-symposium ‘Vitaal blijven werken’ werd verspreid, wemelt het van de woorden: ‘missie, passie, win-win, inspiratie, in je kracht staan’, etc.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten