Nu blijken we vaak niet één maar twee taalmoeders te hebben,
van wie een echter de oudste rechten heeft. Bij mij was dat het Brabantse dialect en
bij mijn Turks-Nederlandse vrienden in Istanboel is dat het Turks. Mijn moederdialect
is onnavolgbaar complex. Alleen de uitspraak al met zijn continue woordassimilaties,
- bijvoorbeeld: hedde (gij) -, is voor ‘de
import’ nooit echt goed te volgen laat staan te leren.
In het voorjaar bezocht ik bovengenoemde vrienden in de mega-metropool Istanboel (16 miljoen inwoners!) en zag daar
weer hun kleindochtertje terug dat een aantal maanden daarvoor bij mij thuis met kerstmis
was geweest. Goeddeels slapend toen de hele tijd. Het kind van drie is tweetalig: Turks en Nederlands. Het schakelen
tussen de twee talen kost haar geen moeite.
In het onderwijs gaan steeds meer stemmen op om van het
Nederlands over te schakelen op het Engels in verband met de toenemende
globalisering. Er zijn gelukkig ook de tegenstemmen die beweren dat het onderwijs
zo zal verschralen, omdat spreker noch toehoorder de finesses en nuances van de vreemde taal
kunnen doorgronden, en dus ook niet kunnen toepassen. Met neerlandicus en
filosoof Martin Slagter, die met enige regelmaat in nrc.next en de Volkskrant
over onderwijs publiceert, volg ik met de nodige scepsis de toenemende populariteit van deze modegril
binnen onze onderwijsinstituten, te beginnen op de universiteiten en de
hogescholen. Het middelbaar beroepsonderwijs zal weldra volgen, en hier en daar gebeurt het al. Nu valt er natuurlijk met de toenemende stroom buitenlandse
studenten niet te ontkomen aan colleges in het Engels, maar laat het dan
gebeuren door docenten die de vreemde taal echt machtig zijn. Onderwijs in het
Engels door een Nederlandse docent voor een overwegend Nederlands publiek is
een gotspe.
Met dank aan mijn collega Ietje Engelbarts, met wie ik de
liefde voor de moedertaal deel en die mij wees op een artikel erover van Martin
Slagter in nrc.next.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten